Nooit meer dode baby's
Moeders, Persoonlijk

Nooit meer dode baby’s

Omdat er geen baby’s meer dood mogen gaan, betalen we een hoge prijs door het gebied waarin we vinden dat er ingegrepen moet worden, steeds verder uit te breiden. Zodat we geen baby meer missen.

Deze uitspraak is van Wendy Wielenga en spookte nog dagen nadat ik haar had gesproken door mijn hoofd. Wendy was mijn eigen verloskundige en daarom voelde het logisch om voor dit onderzoek in ieder geval met haar gesproken te hebben. Ik werd verrast door haar woorden omdat het vanzelfsprekend voelt dat we (en zeker verloskundigen) willen voorkomen dat er baby’s dood gaan. Wendy gaat zelfs nog verder: “Het is voor mij een bevrijding geweest om me te realiseren dat ik vaak niet het verschil tussen leven of dood kan maken. Ik kan goede zorg leveren.”
Ah oké… de verloskundige die ik twee keer mijn zwangerschap toevertrouwde vindt dat baby’s dood mogen gaan én dat zij daar weinig invloed op heeft. Was ik zelf wel zo helder van geest toen ik voor haar koos?

Jazeker! Nadat ik vier uur met Wendy heb gesproken, tolt mijn hoofd maar begrijp ik precies wat ze bedoelt. Juist omdat ik weet hoe het is als je baby dood gaat én welke prijs je betaald om alles te willen weten of als een risico te bestempelen

Wat is een goed resultaat van een bevalling? Een levend kind of een fijne ervaring?

Aan de hand van een paar casussen legt Wendy uit hoe weinig invloed een zorgverlener heeft op het welzijn van een ongeboren baby. “Hoe ver ontwikkeld de zorg ook is, we weten heel veel niet en kunnen eigenlijk weinig echt ‘oplossen’ tijdens een zwangerschap.”
Het enige dat Wendy kan is risico’s signaleren en daarover informeren, soms zelfs adviseren. Ze kan zelden zeggen: “Dit is het geval, dit is wat je moet doen en dan gebeurt er dit…” om vervolgens de uitkomst daarvan te garanderen. Er zijn maar weinig zorgverleners die dat kunnen. Toch gebeurt het.

Wat een zorgverlener wél kan, is invloed uitoefenen op de manier hoe een zwangere zorg ervaart. Het resultaat van een zwangerschap kan zij dus zeker beïnvloeden. Het is alleen lastig om te bepalen wanneer dat resultaat goed is: Wanneer er een levende baby is geboren? Of, wanneer de vrouw tijdens haar zwangerschap en bevalling de zorg als prettig heeft ervaren? Door de gesprekken die ik voer realiseer ik me dat het oplopen van een trauma door de zorg niet uitzonderlijk is maar, dat de meeste vrouwen ook vinden dat ze daar niet over moeten zeuren. Ze hebben immers een kind dat leeft en dat is wat ze wouden.

Bij elke bakker een AED, omdat we alle risico’s willen kennen

Om de kans dat er baby’s (of moeders) dood gaan, zo klein mogelijk te maken willen we alle risico’s kennen. Immers, als we de risico’s kennen, is de kans groter dat we ze kunnen beperken. Klinkt logisch. Het gevolg is, dat we steeds meer zoeken naar risico’s en willekeurige gebeurtenissen daardoor benaderen als gevaar. Ook als het risico erg klein is, grijpen we in. In eerste instantie zou je denken: Waarom ook niet? Het is fijn als een verdrietige gebeurtenis wordt voorkomen door in te grijpen. Maar, stel je voor dat we in ons dagelijks leven altijd op zoek zouden zijn naar gevaar, dan zou de kwaliteit van leven niet erg hoog zijn. Wendy zegt gekscherend: “Omdat er een keer een man een hartaanval heeft gehad bij de bakker, hang je niet bij iedere bakker een AED apparaat op”.  Dat doen we ook niet als het drie keer gebeurd. Toch worden gebeurtenissen in de zwangerschapszorg vrij snel als risico benoemd, ook al is dat risico laag. Waarom? Omdat nieuw leven zo prachtig en kostbaar is waarschijnlijk. Natuurlijk willen we het doodgaan van baby’s voorkomen. Dat wil iedereen. De vraag is, willen we dat kosten wat het kost of, is er een grens aan de prijs die we willen betalen om dood te voorkomen. Wie mag dat bepalen en hoe goed zijn we in staat om in te schatten welke impact dat heeft op vrouwen als individu, als moeder en de samenleving? Nu en in de toekomst.

Ingrijpen: veilig of gevaarlijk?

Ingrijpen bij een risicozwangerschap met extra controles en een medische bevalling voelt veilig. We vertrouwen op de kennis van specialisten, testuitslagen en apparaten. Allemaal heel waardevol maar, we verliezen de informatie die een zwangere zelf (letterlijk) bij zich draagt daardoor steeds meer uit het oog. Het is erg moeilijk om te vertrouwen op de informatie vanuit je eigen lijf, of dit zelfs maar op te merken, wanneer er buiten jouw lijf óók van alles wordt gevonden over je zwangerschap en kind.
Exact hetzelfde geldt ook voor de zorgverlener. Een zorgverlener krijgt veel informatie door te observeren hoe een vrouw zich gedraagt. Apparaten zorgen ook bij de zorgverlener voor veel afleiding en steeds meer zorgverleners leren om informatie af te lezen van apparaten in plaats van patiënten. Natuurlijk geven machines veel informatie maar die informatie kan ook verkeerd geïnterpreteerd worden. Wendy bevestigt dit vanuit een eigen casus waarbij waardevolle (levensbedreigende) informatie werd gemist omdat de machine een ander beeld gaf dan de werkelijkheid.  Medicaliseren brengt in zekere zin dus ook gevaren met zich mee. Sterker nog, bevallen wordt misschien wel steeds gevaarlijker en de risico’s daardoor steeds groter. Er ontstaat een beetje een kip en een ei verhaal.

Wordt bevallen veiliger omdat we vaker ingrijpen? Of, grijpen we vaker in omdat we natuurlijk bevallen gevaarlijker hebben gemaakt?

Ondanks dat ik zelf niet gekozen heb voor een thuisbevalling, schrik ik er wel van dat ik in meerdere gesprekken hoor dat er verloskundigen zijn die een melding Veilig Thuis doen wanneer een vrouw thuis wil bevallen ondanks een -klein-  risico. Dan kun je concluderen dat we bevallen echt als iets gevaarlijks beschouwen. Het valt me ook op dat als er geen keizersnede heeft plaatsgevonden er al wordt gesproken over natuurlijk bevallen. Toch is er weinig natuurlijks aan een ziekenhuisomgeving, daarbij behorende apparatuur en vingers in je vagina.

Vingers in je lijf

Met die vingers kom ik meteen bij een andere hoge prijs, die we betalen door het willen controleren van zwangerschappen namelijk, het verliezen van respect voor de vrouw én onbezorgde zwangerschap. Het valt op hoe normaal we het vinden dat vrouwen gestript en getoucheerd worden. De vraag “hoeveel centimeter ontsluiting had je?” is geen gekke als er een bevallingsverhaal wordt verteld. Net als de vraag of iemand gestript is omdat ze 40 weken + 1 dag zwangerschap erop heeft zitten. In de zes weken dat ik zwanger in het ziekenhuis lag, heb ik bijna dagelijks mijn kleren uit moeten doen voor een onderzoek. Het werd zoiets automatisch dat ik zelfs een keer met mijn broek op de enkels een verpleegkundige verwelkomde terwijl er slechts bloed geprikt hoefde te worden. Pas achteraf besef ik welke impact het heeft om zo makkelijk om te gaan met intimiteit. Ondanks dat ik zeker niet preuts ben, is het effect daarvan heel groot geweest.

Onbezorgd veranderd in ‘wat als…’

Door meer te willen onderzoeken en voorkomen, zijn er ook minder onbezorgde zwangerschappen. Met de komst van prenatale testen worden we gedwongen na te denken over ‘wat als…’. Vragen die je onmogelijk kunt beantwoorden tot het moment ‘dat’, ook dit weten we uit eigen ervaring. Vragen die zorgen voor angst en onzekerheid. Het maakt ons bewust van alles wat mis kan gaan én geeft ons het idee dat we daarover kunnen beslissen. Dat beslissen is nu juist wat vies tegen valt. Je kunt een heleboel opsporen, vooral een heleboel dat “misschien” aan de hand is. Echter, daarover beslissen, het tij keren of het voorkomen, dat kan in weinig gevallen. Voor die enkele gevallen hebben we wel een systeem opgetuigd dat een hoop vreugde, inzicht, moedergevoel, zelfvertrouwen en oerkracht ontneemt én, zoals ik al aangaf, ook weer andere risico’s met zich meebrengt.

De natuur is ons grootste geschenk én maakt ook fouten

Als we kunnen accepteren dat de natuur fouten maakt, die vaak niet te voorkomen zijn, dan accepteren we ook dat er soms een kind (of moeder) dood gaat. Dat is verschrikkelijk, zeker als het jou overkomt. Toch levert die acceptatie veel moois op.

Namelijk, een – onbezorgde – zwangerschap die in het teken staat van hetgeen waarvoor die maanden bedoeld zijn: Je voorbereiden op het moederschap door het aanwakkeren van je moedergevoel én je zelfvertrouwen.
Het is domweg niet mogelijk om zelf een kind op de wereld te zetten zonder het vertrouwen dat je daarvoor gemaakt bent en dit kunt. Die zwangerschap, en het natuurlijk bevallen, doen een beroep op eigenschappen die je nodig hebt als moeder. Het hebben van vertrouwen is één van die belangrijke eigenschappen.

Het blijkt dat vrouwen die zich onzeker voelen, veel aantrekken van hun omgeving en makkelijk piekeren, gevoeliger zijn voor een postnatale depressie. Dat zijn precies de dingen die in de hand worden gewerkt wanneer je minder naar je eigen instinct en lichaam luistert en veel informatie van buitenaf krijgt. Zeker als informatie van specialisten komt, is dat moeilijk te negeren. Hoe goed bedoeld ook, het is niet altijd een zegen om alles te weten en daarop in te grijpen.

Ik vraag me af of het niet gezonder zou zijn om alle kanten van gebeurtenissen te belichten in plaats van ze te bestempelen als risico. Het stelt een vrouw wellicht meer in staat om vanuit haar eigen gevoel in te schatten óf er sprake is van een risico. Ik neig ernaar om te geloven dat dit veel meer waardevolle informatie geeft waarnaar gehandeld kan worden, waarbij de vrouw zelf aan het roer kan blijven. Zodra een vrouw een kind gebaard heeft vinden we dat zij mag bepalen wat goed is voor haar kind, we accepteren dat iedereen dat anders doet. Misschien kunnen we zelfs wel toegeven dat de moeders die bij het opvoeden aandacht hebben voor de signalen die hun kind geeft en vertrouwen hebben in zichzelf, betere moeders zijn. Moeten we die verantwoordelijkheid niet ook al durven geven voordat het kind is geboren? Zijn de paar mensenlevens die we redden dankzij eindeloze protocollen het waard om de meerderheid aan vrouwen dit (zelf)vertrouwen te ontnemen?

Om daar beter antwoord op te kunnen geven (als er al een juist antwoord bestaat) schrijf ik in de volgende paar blogartikelen over die protocollen; mijn eigen ervaringen en die van andere vrouwen en zorgverleners. Omdat het nog veel te vroeg is om conclusies te trekken probeer ik objectief te blijven en daardoor levert dit artikel vooral veel vragen op. Binnenkort praat ik ook met iemand die wél gelooft in de medische aanpak bij een bevalling en zelfs denkt dat het haar leven heeft gered.

Wil jij je verhaal met me delen? Stuur me een bericht!

 

 

Previous Post

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply